Robinson Crusoe
Door: Yvonne
Blijf op de hoogte en volg Yvonne
24 Oktober 2025 | Indonesië, Langgur
Robinson Crusoe
We bevinden ons in het gebied van de Kei eilanden. Het is een prachtig en onontdekte eilandengroep in de Molukken. Bekend om hun witte stranden en rijke onderwaterleven.
Met de zwemkleding onder de kleren stappen we in een polyester boot met simpel blauw zijl voor de schaduw. Vandaag nemen Esmeralda en haar man ons mee. Ik waad eerst door de heldere zee over de zanderige witte bodem. Met moeite klauter ik over de hoge rand van de boot. Met twee motoren en veel pk’s schieten we boven over de vissen en door de rustige zee. Na een kwartier wordt het anker uitgegooid. Het is tijd om te snorkelen. Gewapend met bril en luchtpijp laat ik mij in het water zakken. Nadat ik eerst gevraagd heb of er geen haaien ons op wachten. Onder mij zie ik een sprookjeswereld. Enorme bossen koraal. Althans uiterlijk doet het denken aan planten maar feitelijk bestaat het uit kleine dieren die poliepen worden genoemd en vormen kolonies. Kobaltblauwe hoge staven met vertakkingen, okergele plateaus alsof het elfenbankjes van twee meter doorsnee zijn, zeesterren met zwarte stippen van wel een halve meter groot vormen een decor. En de regenboog gekleurde vissen die onder mij vredig rondzwemmen treden op in dit theater. Het wordt tijd om te vertrekken. Esmeralda wil het eilandje Ula laten zien. Ze is daar nog maar 3x geweest en het heeft indruk gemaakt. Het ligt wat geïsoleerd en daardoor is de kleine nederzetting in de ontwikkeling achter gebleven. Het bootje probeert zover mogelijk de wal, het strand, te bereiken. Terwijl we de laatste tien meter door het zoute water lopen, met de hete zon op ons hoofd en de reflectie van het witte zand in onze ogen prikt, kijken kinderen verdwaasd ons aan. Het is wederzijds de kat uit de palm kijken. Over enkele zandweggetjes lopen we met Esmeralda tussen de wit-groene houten huizen door. Hier is geen verkeer. De rust en de tijd staat stil. Er is maar één dorpje op dit eiland. Vrouwen komen uit de huizen en groeten ons maar kijken ook ons onwennig aan. We naderen barakken die als schoolgebouw fungeren. Een goedlachse man komt op ons af. Hij is het schoolhoofd. Als hij hoort dat we uit ‘Belanda’ komen laat hij mijn hand niet meer los en zijn glanzende ogen kijken mij vertederend aan. De overige schooljuffen en heel veel kinderen en smartphones komen nu ook kijken. De les wordt onderbroken. En dan? Ons bezoek brengt iets teweeg. Er worden eindeloos veel foto’s gemaakt, gezamenlijk staan we in talloze formaties. Terwijl ik mij verbaas over hun woonomstandigheden verbazen de kinderen zich over ons uiterlijk. Maar nog meer dat we hier voet aan land zetten. Het is een kijken naar elkaar en contact zoeken met gebaren met wederzijds respect voor elkaar. Het lijkt wel of we als missionarissen vanuit een andere wereld komen.
De motor van ons bootje staat weer te ronken. Met volle kracht vooruit denkt de kapitein. Op naar de volgende bestemming. Een eiland waar Esmeralda en haar man ook nog nooit zijn geweest. Een eind voor de kust wordt de buitenboordmotor uit het water getild. We dobberen nog een eindje vooruit. Dan is het uitstappen. De snikhete zon brandt op mijn gele pet. Mijn groengele tricot zonnejurk was opgedroogd. We klauteren weer uit de boot en lopen behoedzaam zo’n vijftig meter op waterschoentjes en met kleding aan door de zee. Schitterend is het turquoise water. Voor me zie ik palmbomen wuiven en een wit strand. Maar het lijkt wel of het bewoond is. Aan land gekomen zie ik houten schamele hutten. Enkele mannen lopen wat rond. Kindertjes spelen in de schaduw onder de palmbomen. Vrouwen zijn met elkaar bezig in een open primitieve keuken. Op een natuurlijk vuurtje wordt gekookt. Ik geloof m’n eigen ogen niet. Het lijkt alsof ik in een goede film terecht ben gekomen. Gelukkig zijn Esmeralda en haar man inlanders en spreken Bahasa Indonesia. In de vier hutten voor ons wonen de enige mensen die hier op dit eiland leven. Het zijn vissers. Naast de onderkomens worden onder een palmtakken overkapping houten schepen voor eigen gebruik gebouwd. Een constructie met gebogen planken en de naden zijn afgedicht met materialen van planten. Dan plotseling klimt een van de mannen als een aap supersnel naar boven in een kokospalm. Met een kapmes hakt hij jonge kokosnoten los van de takken en werpt ze naar beneden. Onze bootsman ‘slacht’ ze voor ons. Verser kan het niet. Je proeft de zon en de liefde van het eiland. Het kokoswater is zelfs nog warm. Wat een Robinson Crusoe gevoel op dit amper bewoonde eiland.
-
24 Oktober 2025 - 12:28
Hans:
Wow, wat een ervaring. Heerlijk om te lezen.
-
25 Oktober 2025 - 15:31
Richard :
Een tijdloze ervaring - totdat die smartphones mij weer naar de 21ste eeuw brachten.
Reageer op dit reisverslag
Je kunt nu ook Smileys gebruiken. Via de toolbar, toetsenbord of door eerst : te typen en dan een woord bijvoorbeeld :smiley